web analytics

Bruine kiekendief in de Lage Landen ook akkervogel

Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, Werkgroep Grauwe Kiekendief:

© GMD

Bruine Kiekendief

Veel mensen associëren de bruine kiekendief nog steeds met wetlands, moerassen en overjarig riet. Maar in de jaren negentig maakte de grootste Europese kiekendief een vrij spectaculaire overstap naar grootschalig akkerland. De nesten in landbouwgewassen lopen echter gevaar wanneer er geoogst wordt. Bescherming van bruine kiekendieven vergt speciale aandacht en veel tijd.

Van moeras naar akker
Hoewel een substantieel deel van de broedparen van de bruine kiekendief (Circus aeruginosus) in overjarig riet in de wetlands van Nederland en Vlaanderen nestelt, broedt er tegenwoordig een relatief groot aantal paren in de akkerbouwgebieden van West-Vlaanderen, Zeeland, de Wieringermeer, Fryslân en Groningen. Menigeen zal verbaasd zijn te horen dat er nesten worden gebouwd in de genoemde regio’s in wintergraangewassen (vooral gerst en tarwe), luzerne, graszaad en koolzaad.
Lees hier het hele bericht.

Landje van Geijsel, Waverhoek – afd. Driebergen-Doorn

Sjef ten Berge schreef:

© GMD

Wintertaling

In de eerste zonnestralen ontvluchtten we het knetterend sijzenconcert in de uitslaapbomen van het seminarietrerrein in Driebergen.
Vlak voor Geijsel, stonden de shovels van de dijkvoetverzwaring keurig achter hekken in hun zondagsrust-stand. De grondverplaatsing en het daarmee verbonden droogstaan van het landje dreigde eind januari het voorjaarsperspectief van steltloper- en eendenspektakel tijdens de vogeltrek in een fata morgana te veranderen. We zijn de Groendienst Amstelland nog dankbaar voor de mededeling dat het werk ter plaatse op 1 februari geklaard was en het dras zetten vanaf die datum in gang gezet was. Zo hoefden we geen alternatieve bestemming te zoeken.
We waren precies op tijd om een vertrekkende casarca te betrappen, die even daarvoor de kop uit de veren had gehaald. De duttende grutto’s ter plaatste waren niet te tellen, omdat de groep verdund was met lang slapende wulpen en kieviten. Pas later bleken we een groep van ruim 160 IJslandse exemplaren voor ogen te hebben. Een beetje bits was deze heldere winterochtend nog wel, zo bits dat zelfs de scholeksters enig gevoel voor zondagsrust leken te hebben. Zo weinig spraakzaam kom je ze niet vaak tegen. De massale aanwezigheid van de wintertalingen in hun rommelige grasland liet zien dat dit soort onland veruit favoriet bij deze soort is om leeftocht bij elkaar te slobberen.
Lees hier het hele verslag.

Zuid-Hollandse eilanden en Zeeland – afd. Utrecht-stad

Erik Wouda schreef:

© Erik Wouda

Kwade Hoek

Inmidddels wel een klassieker te noemen, deze jaarlijkse tocht van Utrecht-Stad naar Zuid-Hollandse eilanden en Zeeland. Ieder jaar toch weer anders, op één onderdeel na: de Brouwersdam. Daarover later meer. Een gewoonte van me is deze excursie een daglijst bij te houden, die meestal boven de 75 soorten eindigt. Iedereen in onze auto doet daarvoor een voorspelling tussen de 70 en 85 soorten.
Eerst het veld in voor een stevige wandeltocht door de Kwade Hoek. Tevoren was er nogal ruw weer voorspeld, maar met zon tegen de wind in ploegen over kwelderlandschap was goed te doen. Het duurt echter even voor we beet hebben.
Er zit veel, maar het geeft zich niet zomaar prijs. Een groepje strandleeuweriken, persoonlijk favoriet van schrijver dezes, is de eerste krent in de pap. Maar er vliegt meer, en zo ontdekken we een flinke groep sneeuwgorzen die zich van afstand laat bekijken.

Lees hier het hele verslag.

Ganzen in januari tóch op volle sterkte

Van de site van SOVON:

© GMD

Toendrarietgans

In het najaar van 2017 werden er veel minder ganzen dan in de najaren ervoor geteld. Middenin de winter blijken de aantallen ganzen weer op volle sterkte te zijn. Dat blijkt uit een steekproef uit de midwintertelling van halverwege januari. Van Kolgans en Grauwe Gans werden gemiddelde aantallen gezien. Brandgans en Toendrarietgans waren zelfs iets algemener.
Voor de watervogelnieuwsbrief zette Kees Koffijberg een grote steekproef uit de midwintertelling van afgelopen januari af tegen de langjarige gemiddeldes (2007-2016) van de aantallen ganzen. Zo’n tweeduizend waarnemers gingen halverwege de maand op pad in hun watervogel-, midwinter- of ganzen-zwanentelgebieden. Uit die tellingen blijkt dat de meeste ganzensoorten nu op volle sterkte aanwezig zijn.

Lees hier het hele bericht.

Excursie Plantage Willem III e.o. – afd. De Bilt-Zeist

© GMD

Konikpaarden

Met 11 vogelaars gaan we naar Plantage Willem III, een glooiend gebied bij Elst aan de zuidkant van de Utrechtse heuvelrug. Er leven damherten, konikspaarden en gallowayrunderen, die zorgen voor een halfopen landschap. Qua vogels kunnen we van alles verwachten op deze koude januaridag ca. 5 gr (gevoelstemp ligt onder het vriespunt!) in een tot nu toe zacht verlopende winter.
Bij het uitstappen op de parkeerplaats is het nog vrij stil. Als we het gebied betreden zien we al gauw de vele damherten, koniks en zwaar gebouwde galloways. We moeten goed uitkijken waar we lopen, het pad ligt bezaaid met hun uitwerpselen. Boven ons trekken verscheidene linies kolganzen en grauwe ganzen luidruchtig over. We turen de topjes van bomen en struiken af, maar weinig bijzonders te zien, wat pimpel- en koolmezen. Op de achtergrond de roep van een raaf, die we na wat speurwerk ook te zien krijgen. Verder lopend ontdekken we 2 kuifmeesje tussen de heide. De teller staat nog maar op 12 soorten als we de roep van havik vrouw horen. Er is even verwarring, maar de determinatie app leert ons dat de groene specht echt anders roept.
Lees hier het hele verslag.