Sjef ten Berge schreef:
Bij een zuinige plus één graad Celsius daalden we stappende voort de grote kuil in die de NS daar na 161 jaar graven in 2001 had achtergelaten. De baltsende en roepende appelvink in het hoge eikenhout was toen al gepasseerd. De roep van de gaai en de slotzang van de groenling klonken als een rauwe keel. We namen de waarschuwing ter harte. De das iets hoger om de hals. Overal in het zand waren wroet- en graafsporen te zien. Konijnen, honden, maar ook de dassen volgen ’s nachts het historische voorbeeld van de NS. Lees hier het hele verslag.
