Influx van Slangenarenden

Van de site van SOVON:

©GMD

Slangenarend

Deze zomer worden er relatief veel Slangenarenden gezien in Nederland. Ze worden ook niet alleen in heide- en hoogveengebieden waargenomen. Hoeveel van deze zeldzame slangeneters zijn er eigenlijk in ons land?
Slangenarenden zijn de laatste zomers vaste prik op de Veluwe, het Dwingelderveld en in het Fochteloërveen. Ze hebben aantrekkingskracht op heel wat vogelaars, die maar wat graag zo’n imposante roofvogel boven het veld zien hangen, speurend naar slangen en andere reptielen. In de zomer van 2022 lijken er opvallend veel Slangenarenden te pleisteren in ons land. Tijd om daar iets beter naar te kijken.

Veel waarnemingen
Ook al zijn Slangenarenden sinds 1996 vaste overzomeraars geworden, ze blijven zeldzaam. Waarnemers blijven ze daarom gewillig melden op waarneming.nl en andere websites en nemen ook vaak de moeite om foto’s te nemen. Dat biedt de mogelijkheid om een redelijk goede inschatting te maken van het aantal overzomerende exemplaren door goed naar individuele kenmerken te kijken. Willem van Manen en Rob Bijlsma zetten in De Takkeling voor de periode 1996-2016 al eens op een rij hoeveel exemplaren er voor een periode van twee weken of langer in een gebied werden gezien. Vorig jaar trokken we in de Vogelbalans hun grafiek door tot en met 2021. Het opvallend grote aantal meldingen tijdens de huidige zomer deed vermoeden dat we weleens met flink wat meer Slangenarenden te maken kunnen hebben dan in de afgelopen jaren.
Lees hier het hele artikel.

Herkennen vogels elkaar?

Van de site van NatureToday:

©GMD

Wilde Eenden

Met eigen ogen zien hoe jonge vogels hun ouders leren kennen en een band vormen: de camera’s van ‘Beleef de Lente’ maken dit wonder mogelijk. Maar de pimpelmeesjes zijn al uitgevlogen en de zeearenden staan ook op het punt. Hoe gaat dat verder? Blijft die band bestaan en herkennen volwassen vogels elkaar nog?
Als het eerste kuiken uit het ei krakt, is het klip en klaar voor de ouders: dat is hun kroost. Dat moet warm blijven. Daar moeten wurmen en muggen in, vis, of muizen. De jongen leren ook op bijzondere wijze hun ouders herkennen – daarover later meer. Maar hoe zit het na het uitvliegen, als ze verdwijnen voor het oog van de beleefdelente-camera’s: blijven de volwassen vogels elkaar dan kennen?

Eendjes met een kippenmoeder
Eerst een voorbeeld: jonge eendjes leren in de eerste 13 tot 16 uur na de geboorte wie hun ouders zijn. Ze letten daarbij vooral op beweging en geluid. Als een broedse kip dus bij wijze van experiment eendeneieren uitbroedt, dan is het eerste wat de eendenkuikens zien een kip die scharrelt en tokt. Ha! Dat is hun ouder, die kip moeten ze volgen.
Ook de voorkeur in het latere leven voor een partner wordt zo bepaald. Verwarde eendjes dus, als ze opgroeien bij een kip, want als eend paren met een onwillige haan valt niet mee.
Lees hier het hele artikel.

Studie relatie tussen mensen en de natuur

Ben jij actief op waarneming.nl en wil je meewerken aan wetenschappelijk onderzoek naar de rol van online platformen in de relatie tussen mens en natuur?
Bij het Centre Connecting Humans and Nature van de Radboud Universiteit zijn we op zoek naar leden van vogelwerkgroepen die actief zijn op waarneming.nl en een dag(deel) op pad willen gaan met een onderzoeker, om inzicht te geven in het gebruik van waarneming.nl in de praktijk.
Herken jij je hierin? Dan horen we graag van je! Bij interesse of vragen graag contact opnemen met Helen Verploegen (helen.verploegen@ru.nl)

Excursie Fochteloërveen 19 juni 2022 – afd. Utrecht-stad

Jeroen Steenbergen schreef:

©GMD

Wespendief

Zondag 19 juni bracht Utrecht-stad een bezoekje aan het Fochteloërveen. Hoewel het een dag eerder schitterend weer was geweest, was het in de avond en nacht fors afgekoeld en was er een gebied met buien het land binnen getrokken. De vraag was hoe dit zou uitpakken voor onze excursie, waar we naast een aantal vogels als doelsoorten, ook op zoek wilden naar enkele zeldzame vlinders.

Met een groep van 5 deelnemers bereikten we rond half 9 het gebied. Het begon goed, de eerste vogel die over ons heen vloog was een Wespendief. We wandelden langs een pad met aan de ene kant bos en aan de andere kant het open terrein. We zagen een Geelgors en hoorden een Sprinkhaanzanger. In een bosje vonden we een hele familie Grauwe Vliegenvangers: niet zeldzaam maar ook weer niet zo makkelijk mooi in beeld te krijgen. Iets verderop vonden we de eerste Grauwe Klauwier, waarna er nog twee volgden.
Lees hier het hele verslag.

Uilen hebben moeilijk jaar door tegenvallende muizenstand

Van de site van Nature Today

©GMD

Steenuil

2022 lijkt een uitzonderlijk jaar voor veel roofvogels en uilen te worden, maar niet in de positieve zin. Uit het veld komen steeds meer berichten binnen over een tegenvallend broedseizoen van muizenetende vogels. Wat is er aan de hand met de muizenstand en wat is de invloed hiervan op onze roofvogels en uilen?
De landelijke steenuilenwerkgroep STONE onderzoekt jaarlijks uitgebreid de broedbiologie van steenuilen. Uit prooionderzoek in de Zuidoost-Achterhoek blijkt nu al dat de uilen moeite hebben om veld- en bosmuizen, belangrijk stapelvoedsel voor de jongen, te vinden. Kleine slag om de arm: nog niet van alle broedsels is er informatie uit de jongenfase. Er worden veel meer spitsmuizen tussen de prooiresten gevonden dan normaal, terwijl deze normaliter niet populair zijn bij steenuilen. Ook zijn er meer kleine zangvogels de dupe. Uit de ongewone prooiverhoudingen blijkt dat steenuilen hun best doen om het tekort aan muizen te compenseren. Ondanks deze dieetaanpassing is het moeilijk om voldoende voedsel te vinden. De legselgrootte in het onderzoeksgebied in de Zuidoost-Achterhoek is met circa 3,5 eieren per legsel historisch laag en er worden relatief veel dode jongen gevonden. Waar na een mislukt legsel in andere jaren nog wel eens een vervolglegsel wordt geprobeerd, wijzen de eerste signalen er dit jaar op dat de uilen zich daar niet vaak aan wagen.
Lees hier het hele artikel.