Excursie Stellendam/Brouwersdam 04-01 – afd. Doorn-Driebergen

Sjef ten Berge schreef:

© Bram Rijksen

Grote Trap
Tekening: Bram Rijksen

De navigatie stuurde ons dit keer strak westwaarts door Rotterdam. Via één aquaduct, twee bruggen en drie tunnels bereikten we het begin van de N57. Voorne-Putten dus. Onze afwijking van de route even verderop om onder de rook van Pernis en twee steenworpen verder dan Brielle een grote trap te zoeken, was voor ons doen een ongewone twitchersact.  De zijweg van de N218 vinden was onwijs simpel. Het op dat smalle polderweggetje autorijden was een soort schoonheidsprijs voor een varken in de vorm van een modderbad. Zo ziet het er na een bietencampagne uit. Toch was het voor ons wel degelijk een wellnes-uitje. Omdat de trap daar in de schapen-weilanden langs deze Vleerweg al een week naar aandacht en eten aan het hengelen was, stonden we al snel in het gratis modderbad van de opengestampte wegberm. Zelden met zoveel plezier dit ongemak geïncasseerd. Een beetje tech was dit groot uitgevoerde hoen wel, met een zender op de borst en een antennesprietje van twintig centimeter langs de schouder omhoog.
Lees hier het hele verslag.

Wat we weten over het effect van windmolens op vogels

Van de site van NU
Windmolens zouden jaarlijks aan vele vogels het leven kosten. NUcheckt bekeek wat er bekend is over het gevaar van windmolens.
Omroep Flevoland schreef op 10 december dat Windpark Noordoostpolder jaarlijks duizend vogels uit de lucht slaat. En bij windmolenpark Eemshaven moeten de wieken van windmolens sinds oktober soms worden stopgezet om het aantal dode vogels te verminderen. Maar zijn windmolens echt zo gevaarlijk voor vogels en wat weten we over het effect van windmolenparken op beschermde soorten?

Waar komt het vandaan?
Er wordt al zeker 35 jaar onderzoek gedaan naar de mogelijke gevolgen van windmolens voor vogelsoorten. Er is al zo lang bezorgdheid hierover omdat er geregeld dode vogels onder windmolens worden gevonden. Ook volgens de Vogelbescherming kunnen windmolens voor sommige vogelsoorten een bedreiging zijn.
Lees hier het hele artikel.

Excursie Brouwersdam en Prunjepolder 05-01 – afd. Utrecht-stad

Jeroen Steenbergen schreef:

© GMD

Blauwe Kiekendief

Zondag 5 januari hield afdeling Utrecht-stad zijn traditionele nieuwjaarsexcursie. Tot dit jaar voerde die altijd naar de pier van IJmuiden, maar het leek ons wel ‘s leuk het anders te doen, en dus kozen we een andere bestemming. Dit werd de zuidhollandse delta, met kans op leuke soorten op plekken als Brouwersdam en Prunjepolder.
Met een groep van 11 mensen vertrokken we om 7 uur, eigenlijk te vroeg, bij aankomst van onze eerste locatie zou het nog donker blijken. Deze locatie was bij Westvoorne, waar de afgelopen week dagelijks een Grote Trap was gezien. Dit leek ons een aanlokkelijke soort als ‘aftrap’ van het jaar. Deze vogel zou weliswaar niet telbaar zijn, het was een projectvogel uit een herintroductieprogramma uit Duitsland, maar een fraaie soort is het, en voor velen nieuw. Zoals gezegd was het bij aankomst donker, maar we speurden toch maar vast de velden af. Na een half uurtje stond de vogel opeens in een weiland waar tot kort daarvoor niets te zien was geweest: wellicht had de vogel in een greppel liggen rusten, of lag zij zo plat tegen de grond dat we er overheen hadden gekeken. Eenmaal ontdekt liet de vogel zich fraai zien, inclusief kleurring en aan de borst hangende zender. Op deze plek vonden we ook nog een vrouw Blauwe Kiekendief.
Lees hier het hele verslag.

Steeds minder Kleine Zwanen in Nederland

Van de site van SOVON:

© GMD

Kleine Zwanen

Nieuwe overzichtspublicatie laat afname van de totale populatie zien. En herverdeling van de concentraties binnen de flyway. De zwanen laten Nederland vaker links liggen en blijven hangen bij de oosterburen.

Omvang totale populatie kleiner
Het zien van een groep joelende Kleine Zwanen is een hoogtepunt bij iedere watervogeltelling. De kans op zo’n waarneming is de laatste jaren echter behoorlijk minder geworden. De afgelopen telseizoenen werd het ene na het andere laagte-record verbroken.
Een uitwerking van internationale tellingen laat nu zien dat de flyway-populatie van de Kleine Zwaan afnam van bijna 30.000 in 1995 naar nipt 20.000 in 2015. Eens in de vijf jaar wordt tijdens de midwintertelling in januari extra aandacht besteed aan Kleine (en Wilde) Zwaan om een goede populatieschatting te maken. Omdat de zwanen ook veelvuldig buiten wetlands op boerenland zitten, is zo’n extra internationale inspanning nodig (in Nederland is dat overigens minder relevant omdat de dekking van de telling hier al goed is).
Lees hier het hele artikel.

De sneeuwgors, een innemende wintergast

Van de site van de Vogelbescherming:

© GMD

Sneeuwgors

Geen zangvogel broedt noordelijker dan de sneeuwgors, tot in Noord-Groenland aan toe – vlak onder de Noordpool! En dat loopt dan zomaar voor je voeten op een winderig strand in Nederland. Of scharrelt rond op een schip in de Groenlandse Zee.
Het nietige Noorse eiland Jan Mayen ligt al ver achter ons, als we eind mei midden in de Groenlandse Zee met het expeditieschip Ortelius opstomen naar het mythische Spitsbergen. Aan boord niet alleen passagiers met kijkers en camera’s, gespitst op ivoormeeuwen, ijsberen en blauwe vinvissen, maar ook een groepje sneeuwgorzen. Als huismussen scharrelen ze over het dek, over scheepstrossen en ankerkettingen. Zó tam dat ze soms tussen de benen van de verrukte reizigers door schuifelen. Op zoek naar eten: zaden die zijn komen aanwaaien en ijlings toegeworpen brood. Want dat doen mensen altijd als vogels in hun persoonlijke cirkel komen: brood strooien.
Lees hier het hele artikel.