Ziekte en sterfte onder pimpelmezen

Van de site van SOVON:

© GMD

Pimpelmees

In het vroege voorjaar van 2020 ontving het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC) van de Universiteit Utrecht meerdere meldingen van zowel dode als zieke pimpelmezen. Het aantal meldingen van dode pimpelmezen is weliswaar laag, maar het is wel bijzonder dat sommige melders aangeven dat er meerdere, tot wel tien stuks, dode pimpelmezen zijn gevonden in korte tijd.
De zieke pimpelmezen zitten bol, zijn suf en zijn hun schuwheid verloren. Ze kunnen tot op zeer korte afstand worden benaderd. Een aantal mensen meldt ook dat de snavel er vies uitziet. Ook zijn recent meer dode pimpelmezen gezien.

Onderzoek

In de afgelopen weken heeft DWHC vijf dode pimpelmezen kunnen onderzoeken. Vier dieren hadden een longontsteking, het vijfde dier was ongeschikt om goed te kunnen beoordelen. Het is (nog) niet duidelijk waardoor de longontsteking is veroorzaakt. Opvallend is dat alle vijf de mezen mager waren, ondanks het feit dat de vogels (deels) bijgevoerd werden.
Lees hier het hele artikel.

Lepelaar rukt op tot aan de Randstad

Van de site van SOVON:

© GMD

Lepelaar

Het gaat erg goed met Lepelaars in Nederland. Waren deze markante vogels begin jaren zeventig nog een zeldzame verschijning, nu is de stand hoger dan ooit. Er zijn zelfs kolonies langs de bebouwing van de Randstad te zien. De Lepelaar is één van de best getelde broedvogels van Nederland. Dat laat Sovon vandaag zien in een rapport met de laatste cijfers over de populatie-ontwikkelingen van 195 soorten broedvogels.
In 1970 broedden er slechts 215 paren Lepelaars in het Naardermeer, Zwanenwater en op Texel. Sindsdien maakte de soort een spectaculaire ontwikkeling door en groeide de populatie tot ongeveer 3800 paar in 2019. Jaarlijks worden vrijwel alle kolonies met broedende Lepelaars geteld. Dat wordt gedaan door onderzoekers van de Werkgroep Lepelaar, terreinbeheerders en vrijwilligers van Sovon Vogelonderzoek Nederland.
Lees hier het hele artikel.

Vijf vogels om voor thuis te blijven

Van de site van SOVON:

©GMD

Huismus

Doordat we meer thuis zijn, maken we de natuur rondom het huis intensief mee dit voorjaar. Veel trekvogels komen terug uit hun overwinteringsgebieden en het broedseizoen is in volle gang. Een ideale situatie om in eigen tuin of balkon, of bij het halen van een frisse neus, vogels te tellen. Vijf vogels om voor thuis te blijven.

1. De huismus
Als er één vogel is die de adviezen van de overheid goed opvolgt, is het wel de huismus. De meeste huismussen vliegen niet veel verder dan 100 meter van hun geboorteplek. Rond deze tijd gaan de huismussen massaal nestelen en zijn ze dus heel zichtbaar. Het hangt er overigens van af waar je woont of je ’s ochtends wordt gewekt door hun vrolijke gekwetter. Vooral in de versteende binnensteden, waar weinig groen en voedsel beschikbaar is voor de mussen, zijn de aantallen laag of ontbreken de vogels volledig. Maar woon je in een wat oudere wijk in een groene, wat rommelige omgeving aan de rand van de stad, of op het platteland, dan kunnen de mussen niet missen. Tot het jaar 2000 namen de aantallen sterk af, maar de laatste jaren is het aantal huismussen redelijk stabiel.
Lees hier het hele artikel.

Excursie Leersumse Veld 14-03 – afd. Driebergen-Doorn

Sjef ten Berge schreef:
Nevel en Breeveen

© GMD

Klapekster

De lichte nevel van de zaterdagochtend bracht de navigatiesystemen niet van de wijs. Iedereen was op eigen gelegenheid op tijd op de parkeerplaats aan de Maarsbergseweg. Vooral de zanglijsters, roodborsten en vinken hadden daar een plaatselijke jubelwedstrijd met elkaar en dat zette wel de toon voor het gebeuren waarvoor we gekomen waren. Ook de kleine honderd kolganzen, die op één kilometer hoogte lekker op de zuidenwind noordwaarts roeiden, gaven hiermee hun lentebericht af. Om de trefkans op een waarneming groot te houden liepen we in twee groepen de route tegengesteld. Slalommend om modderbaden hielden we oog en oor op de omgeving. Zowaar, na drie slingerende bochten zette de zon door, waren de nevels vager dan vaag en hoorden we ver, heel ver twee boomleeuweriken. Een oppervlakkige scan van het Breeveen gaf een toneeltje baltsvliegen van de roodborsttapuit prijs, van dwergstruik naar braamstengel en even stoom afblazen in een vliegden. Het sekseverschil in het verenkleed staat voor altijd ingebrand.
Lees hier het hele verslag.

Eindstand Midwinter roofvogeltelling

Wim van de Vegte stuurde de eindstand, een verslag volgt later.