Buizerd vs. Ruigpootbuizerd

Van de site van de Vogelbescherming:

©GMD

Ruigpootbuizerd

De meeste mensen zien door het jaar heen wel eens een buizerd. De sterk gelijkende ruigpootbuizerd overwintert alleen in Nederland. Gewone buizerds worden geregeld voor ruigpoot uitgemaakt – en omgekeerd, al komt dat minder vaak voor. Vanaf nu hoeft dat niet meer.
De vraag om welke buizerd het gaat, speelt dus vooral in het winterhalfjaar. Overal in Nederland vliegen dan buizerds rond. Onze eigen broedvogels, aangevuld met soortgenoten van elders die hier komen overwinteren. De veel zeldzamere ruigpootbuizerds doen dat ook en bevinden zich van begin oktober tot in april in Nederland, vooral in de noordelijke helft van het land. Ze houden van uitgestrekte, open gebieden. Broeden doen ze in Scandinavië en Rusland.
Bij gelijkende soorten is het altijd een goed idee om u eerst bekend te maken met de algemenere soort. In dit geval dus de buizerd; die is vrijwel overal te zien tijdens een wandeling in het open veld. Mogelijk verwarrend is de grote variatie in verenkleed. Eén van de belangrijkste onderscheidende kenmerken is het staartpatroon van beide soorten. Bij de ruigpootbuizerd is die vrijwel wit met één (vrouwtjes en jonge vogels) of enkele duidelijke zwarte eindbanden (mannetjes). Zo’n contrast komt bij buizerds niet voor.
Jonge en vrouwelijke ruigpootbuizerds hebben daarnaast een opvallende donkere buikvlek en een lichte borst en kop. Als u een combinatie van enkele van deze kenmerken ziet, dan heeft u zeker met een ruigpootbuizerd te maken.
Lees hier het hele artikel.

Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden (Brouwersdam) -afd. Amersfoort – 29-01

Frank Pierik schreef:

©GMD

Middelste Zaagbek

Vol goede moed heeft afdeling Amersfoort vanaf januari tot juli weer iedere maand een excursie ingepland. Dus was het een verademing dat we op 29 januari na vele corona annuleringen weer op pad gingen, met een mooie groep van 12 liefhebbers, waarvan 6 enthousiaste nieuwe leden. Reden voor een voorstelrondje, waarbij ook meteen de wenssoorten (zoals strandleeuwerik) werden opgesomd. Om daarna de binnenhaven van Stellendam in de navigatie in te voeren.
Dat bleek een prima stop voor de eerste steltjes waarvan er nog veel zouden volgen, en de enige bruine kiekendieven van de dag. Vanuit het nabijgelegen vogelobservatorium Tij hoopten we nog de Amerikaanse smient te spotten, maar zowel tegenlicht als harde wind (een storm die aanleiding was voor code geel in de noordelijke provincies) waren een spelbreker. Gelukkig hadden we zowel de middelste als grote zaagbek vol in beeld. De hut is heel fraai, maar zeker met de 1,5 meter regel was het wel even ‘geduldig’ wachten tot iedereen een goed kijkgat had gevonden.
Lees hier het hele verslag.

Waterrallen: gegil vanuit het riet

©GMD

Waterral

Niet veel vogelaars komen oog in oog te staan met de Waterral (Rallus aquaticus). Meestal hoor je deze vogel enkel gillen vanuit de rietlanden of moerassen. Het lijkt er alleen op dat de kans steeds groter is geworden om deze vogel in levende lijve te kunnen zien.
In de eerste resultaten van de Punt Transect Tellingen eind 2021 laat de Waterral een behoorlijke toename zien. Ook blijkt uit de watervogeltellingen dat het aantal Waterrallen in Nederland de afgelopen dertig jaar verdrievoudigd is. Waarom doet de Waterral het steeds beter als wintervogel in Nederland?

Uitblijven van elfstedentocht
Belangrijke overwinteringsgebieden voor de Waterral zijn de kust- en deltagebieden waar de moerasgebieden onder invloed van kwelstroming of zout lang vorstvrij blijven. De afgelopen dertig winters zijn, op een paar uitschieters na, niet van dien aard geweest dat de Waterral alleen tot deze gebieden veroordeeld zou zijn. Het uitblijven van een Elfstedentocht geeft al aan dat de zachte winters goede overwinteringskansen bieden voor de Waterral.
Lees hier het hele bericht.

Excursie Zuid-Hollandse Delta 13-02 – afd. Utrecht-stad

Jeroen Steenbergen schreef:

©GMD

Bruine Kiekendief

Na een langdurige corona-onderbreking ging Utrecht-stad voor het eerst weer op stap, deze keer met als doel de Zuid-Hollandse delta. Met een groep van 7 mensen vertrokken we al vroeg vanuit Utrecht. We besloten om eerst te proberen de Dwergganzen bij Strijen te zien te krijgen.
Eenmaal daar aangekomen vonden we al vrij snel een mooie groep van ruim 20 Dwergganzen. Zoals wel vaker zaten de vogels op behoorlijke afstand, maar ze waren goed herkenbaar. Ook een Slechtvalk zat ter plekke.
We reden door naar de Korendijkse slikken. Al enige tijd hangt daar een Zwarte Wouw rond met kenmerken van de/een oosterse ondersoort. Wellicht zal dit nooit duidelijk worden, maar het is een intrigerende vogel. Zoekend over de slikken zagen we al snel een viertal Bruine Kiekendieven over het riet foerageren. Ook vonden we een Zeearend in een boom en vloog een tweede voorbij. Maar de Wouw vond het net als wij wellicht erg koud en winderig en liet zich niet zien. Helaas.
Lees hier het hele verslag.

Tuinvogeltelling: merel lijkt zich licht te herstellen

Van de site van NatureToday:

©GMD

Merel

Afgelopen weekend telden 170.000 mensen de vogels in hun tuin voor de Nationale Tuinvogeltelling van Vogelbescherming Nederland. Extra aandacht was er voor de merel, die fors in aantal is gekelderd. Dit jaar werd de merel gemiddeld in meer tuinen gezien dan voorgaande jaren. Een goed teken! Dat wijst mogelijk op licht herstel. De merel eindigde op plaats 3, achter de huismus en de koolmees.
Al 19 jaar organiseert Vogelbescherming in hartje winter de Nationale Tuinvogeltelling. Een mooie manier om mensen in contact te brengen met de vogels in hun omgeving. Gaandeweg is het evenement uitgegroeid tot het grootste citizen science-project van Nederland. Vorig jaar deden, midden in de lockdown, bijna 200.000 mensen mee. Dit jaar telden tot zo’n 170.000 mensen de vogels in hun tuin. Gezien de harde wind en het milde winterweer, waardoor er minder vogels in de tuinen te zien waren, een erg mooi resultaat.
Lees hier het hele artikel.