Weer duizenden jonge Grutto’s te weinig

Van de site van SOVON:

© GMD

Grutto

Afgelopen broedseizoen zijn er ongeveer 9000 jonge Grutto’s vliegvlug geworden in Nederland. De meeste, zo’n 5400, werden groot in Friesland en circa 3600 in de rest van Nederland. Om de sterfte van oude vogels te compenseren, zouden er echter circa 13.000 vliegvlugge jongen moeten zijn. Het betere broedresultaat in Friesland is waarschijnlijk vooral te danken aan de hoge veldmuizenstand. Hierdoor aten predatoren vermoedelijk meer muizen en minder eieren en kuikens van weidevogels.
Dit jaar werden voor de 8e keer op rij landelijke jongentellingen uitgevoerd. Het betreft een samenwerkingsproject van Vogelbescherming Nederland, Sovon Vogelonderzoek Nederland en het gruttoteam van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG).
Lees hier het hele artikel.

Roze spreeuw in Bunnik zorgt voor opwinding

Van de site van RTV UTrecht:

© GMD

Roze Spreeuw

Opwinding onder vogelaars: in Bunnik is namelijk een roze spreeuw gesignaleerd. Het beestje is zelden in de regio te bewonderen maar vertoefde de afgelopen dagen in de tuinen bij huizen aan de Dr. Brevéestraat. En dat is leuk voor vogelaars, maar sommige bewoners hopen dat het diertje zo snel mogelijk weer vertrekt.
Vogelaar Marie-José Snijders was een van de gelukkigen die gisteren het beestje spotte. “Ik wist dat het een jonge vogel was en de volwassen vogel is mooier, en eigenlijk is onze spreeuw ook heel mooi, maar ik ben vogelaar dus het was de moeite waard. Leuk dat het in mijn eigen provincie gebeurt. Da’s best bijzonder.”
Lees hier het hele artikel.

Excursie Zuid Nederland 03-11 – afd. Utrecht-stad

Erik Wouda schreef:

© Erik Wouda

Zoeken naar een waterspreeuw

Aangekondigd als ‘we willen proberen een bezoek aan het zuiden van Nederland samen te laten vallen met de Kraanvogeltrek’. Dus mijn verwachtingen waren enigszins hooggespannen over deze dag. Maar om de clou van het verhaal maar direct te vertellen: kraanvogels zagen we niet.
Zuid Nederland is groot. Dus de kunst is positie te kiezen waarbij je de kans zo groot mogelijk maakt kraanvogels te zien. Hoe zuid-oostelijker, hoe beter. En uiteraard speelt de juiste datum een rol. Maar dat laatste valt niet mee, want vogels hebben een tamelijk onhebbelijke eigenschap: ze houden zich zelden aan jouw schema. Ze verschijnen wanneer ze er zin in hebben, en dat loopt zelden exact synchroon met wanneer ik mijn kijker om heb.
Lees hier het hele verslag.

Over de traditionele rolverdeling bij grauwe kiekendieven

Van de site van NatureToDay:

© GMD

Grauwe Kiekendief

Roofvogels kennen in het broedseizoen een traditionele rolverdeling tussen de seksen. Vrouwtjes broeden de eieren uit en verzorgen de jongen terwijl mannetjes voor het voedsel zorgen. Een voordeel van zo’n strikte taakverdeling is dat er geen conflicten ontstaan over de ouderzorg. Met behulp van GPS-loggers werd deze taakverdeling bij grauwe kiekendieven, in voor- en tegenspoed, onderzocht.
Bij veel vogelsoorten delen de seksen de broedzorg. Zo voeren bij koolmezen zowel de mannetjes als de vrouwtjes hun jongen. Dit kan echter leiden tot conflicten over de ouderzorg. Het is voor beide oudervogels immers voordeliger om het zelf rustiger aan te doen en juist de partner harder te laten werken. Bij veel vogelsoorten is vastgesteld dat de ouderzorg niet eerlijk verdeeld wordt, waarbij het resultaat zelfs kan zijn dat de jongen onvoldoende gevoerd worden. 
Lees hier het hele artikel.

Excursie Veluwemeer 26-10 – afd. Driebergen-Doorn

Sjef ten Berge schreef:

© GMD

Krooneenden

Op de laatste zwoele dag van een milde herfst wilden we vaststellen of het winterbeeld oostelijk van Flevoland al een beetje ingevuld was en ook of we als onderdeel daarvan de kleine zwanen al met eigen ogen ergens konden vaststellen. De eilandjes van Knarland aan het oostelijk begin van de Knardijk schermen de noordhoek van het Wolderwijd ter plaatse af tegen al te opdringerig golvend water. Buiten het broedseizoen kun je daar een dobberend tapijt van kuifeenden aantreffen. Dat tapijt is een zoekobject voor andere soorten. De in flinke aantallen aanwezige krooneend hield zich vooral aan de buitenkant van dit eendenkleed tegen de rietrand op. Het comfort van luwte en meer dekking deint veiliger denken ze. Overigens zaten er ook exemplaren in kleine samenscholingen tussen de massa, samen met nu eens een slobeend, dan weer wilde eenden. Futen waren binnen of buiten het gedobber voor zichzelf bezig. Soms triomfantelijk met een visje.
Lees hier het hele verslag.